Budel

Budel (in het Budels dialect: Buul) is een dorp in de gemeente Cranendonck gelegen ongeveer 25 km ten zuiden van Eindhoven. Het grenst aan de Belgische gemeente Hamont-Achel en de Limburgse gemeente Weert. Budel is goed bereikbaar via de A2.
 

Bezoek Budel

Het centrum van Budel is niet alleen voor haar inwoners, maar ook voor bezoekers een aantrekkelijke bestemming. Een centrum met een uitgebreid winkelaanbod en waar u ook terecht kunt voor een kopje koffie, lunch of diner

In het centrum van Budel is een VVV-winkel gevestigd voor toeristische informatie, leuke cadeaus en heerlijke streekproducten. Breng ook een bezoek aan het het Smokkelmuseum en ervaar het rijke smokkelverleden van deze streek. 

 

Geschiedenis


 
Op 1 januari 1997 werden de gemeenten Budel en Maarheeze samengevoegd tot de gemeente Cranendonck, die naar de vroegere heerlijkheid vernoemd werd.

In 1973 werd de Budelse hervormde gemeente bij die van Weert gevoegd en sindsdien werd de Budelse kerk gebruikt door de Duitse Evangelische Kirche, ten behoeve van de 2300 Duitse militairen die sinds 1963 gelegerd waren in de Nassau-Dietzkazerne (vernoemd naar Nassau-Dietz), die uit 1956 stamt. De Duitse militairen vertrokken in 2006, zodat het terrein en de daarop aanwezige voorzieningen een nieuwe bestemming moesten krijgen.
Sedertdien is er veel gebeurd, waaronder de aanleg van de Zuid-Willemsvaart in 1826, de bouw van de IJzeren Rijn in 1879, en de komst van de Budelse zinkfabriek, gepaard gaande met de stichting van Budel-Dorplein in 1892, waardoor het gebied werd ontsloten.

Na 1648 werd Budel een grensplaats. Aangezien de douaneambtenaren protestant moesten zijn, ontstond een bloeiende hervormde gemeente, die van Budel-Gastel, de grootste op het platteland van de Meierij van 's-Hertogenbosch. In 1805 werd de kerkelijke gemeente met die van Maarheeze-Soerendonk samengevoegd. Toen de katholieken in 1799 hun kerk weer terugkregen, bouwden de protestanten een eigen kerk, die in 1812 gereed kwam en nog steeds bestaat. Ook protestanten uit Weert kerkten eertijds te Budel.

De geschiedenis van Budel gaat ver terug in de tijd. Al in de pre- en protohistorie verbleven in deze omgeving mensen. Ook de geschreven geschiedenis is van vroege datum. De eerste teksten hebben betrekking op de 'villa Budilio in Texandria', het 'domein Budel' dat het bezit van de Pepiniden en Karolingen was. Door het koninklijk gezag aan zich te trekken, werd het 'domein Budel' koningsgoed. De oudste bekende tekst is een oorkonde van Karel de Grote, waarin deze bevestigt dat zijn grootvader Pepijn de Middelste, gestorven in 714, bezittingen te Budel aan de abdij van Chèvremont bij Luik had geschonken. In 947 werd ook de kerk van Budel aan dit klooster geschonken. In 972 werden de bezittingen van de abdij aan het Mariakapittel (Marienstift) van Aken overgedragen. Deze eigendomssituatie duurde tot het einde van de 18e eeuw. Het kapittel van Aken vond Engelbert van Horne, als heer van Cranendonck, omstreeks 1245 bereid om voogd te zijn over de kerkelijke goederen in Budel. Vanuit deze positie wist Engelbert steeds meer rechten in Budel te verwerven, zoals het aanstellen van schout en schepenen. Hiermee werd de basis gelegd voor de toevoeging van Budel aan Cranendonck, twee eeuwen later in 1421. Vanaf dat moment bestond de hoge heerlijkheid (later Baronie) Cranendonck uit de dorpen Maarheeze, Soerendonk en Gastel en Budel. De plaatsen waren verenigd in twee schepenbanken, die van Budel en die van Maarheeze-Soerendonk-Gastel, die voor zowel het bestuur als de rechtspraak in de plaatsen verantwoordelijk waren. Cranendonck maakte op zijn beurt onderdeel uit van het kwartier Peelland, een van de vier gebieden binnen de Meierij van 's-Hertogenbosch.

VVV Cranendonck

De VVV Cranendonck is gevestigd
naast het Schepenhuis in het centrum van Budel.  

voor meer informatie